Op 7 februari 2012 heeft de ombudsman een rapport gepubliceerd dat ingaat op de vraag in hoeverre de gemeente inzicht moet verschaffen in de totstandkoming van de WOZ-waarde.

Hoe ver gaat de informatieverstrekking van de gemeente?

Als voorbeeld is in het rapport een casus van de gemeente ’s Hertogenbosch opgenomen. De klagers geven hierin aan dat het voor hen onmogelijk is de vastgestelde waarde goed te controleren. In het rapport worden een aantal interessante uitspraken gedaan over de informatieverstrekking van de gemeente, en de grenzen daaraan, in het kader van de Wet WOZ. Er worden vier vragen gesteld door de Ombudsman die leidend zijn bij het contact met de burger:

  • Wat vraagt de burger en waarom wil hij dat weten?
  • Is de informatie die de gemeente zelf kan geven voldoende?
  • Zijn er externe partijen die de gevraagde informatie kunnen geven?
  • Zijn er wettelijke grenzen die de informatieverstrekking inperken?

 

Op al deze vragen geeft de Ombudsman de onderstaande nadere invulling:

  • Probeer eerst contact te zoeken met de burger om te achterhalen wat deze precies bedoelt.
  • De vraag of de gemeente voldoende informatie kan geven wordt beantwoord door de burger. Als deze een bevredigend antwoord heeft gehad is er voldoende informatie verstrekt. Als de burger echter een onbevredigend antwoord heeft gehad dan moet de gemeente naar externe mogelijkheden zoeken om tot een antwoord te komen.
  • De gemeente dient zich in te spannen om specifieke informatie beschikbaar te stellen als de burger specifieke, gedetailleerde vragen heeft. Hierbij dient de gemeente na te gaan of doorverwijzing naar andere instanties nodig is of dat de gemeente deskundigheid in huis haalt.
  • Privacywetgeving en de bescherming van bedrijfsbelangen perken de informatieplicht in. Leveranciers van software of modellen zijn niet verplicht om bepaalde informatie te geven als deze hun economisch belang of concurrentiepositie schaden. Bij die grens stopt de informatieverstrekking.

Concrete overwegingen Ombudsman

De gemeente moet niet alleen overwegen of aan alle wettelijke informatieverplichtingen voldaan is, deze plicht is slechts de ondergrens van de informatieverstrekking. De gemeente dient ook te overwegen of de informatieverstrekking aan de eisen van behoorlijk bestuur voldoet. De gemeente dient dus informatie te verstrekken als de burger hierbij een redelijk belang heeft en als deze informatie redelijkerwijs te verstrekken is. Hierbij geeft de Ombudsman aan dat het redelijkerwijs niet mogelijk is standaard exacte informatie te verstrekken over het complete waarderingsproces. Daarvoor is het te veelomvattend en is het tijdsbeslag te groot. Wel zou de gemeente bij meerdere klagers met dezelfde klachten kunnen overwegen een informatiebijeenkomst te houden waarbij burgers uitgebreid geïnformeerd worden.

De gemeente heeft niet de vrijheid om precies te onthullen hoe de gebruikte software werkt. Als de gemeente de kennis niet heeft om het gehanteerde model of de software te kunnen verduidelijken is er geen noodzaak kennis van externe partijen (de leveranciers) te vragen aangezien deze de gevraagde kennis als bedrijfsgeheim mogen betitelen.

Onderzoek Marc Francke

Tot slot verwijst de Ombudsman naar een onderzoek van Marc Francke (Francke, M.K. ‘Een onderzoek naar kosten en opbrengsten van het waarderen in het kader van de Wet WOZ.’ Mimeo, OrtaX, Amsterdam, 2009.) waaruit blijkt dat de resultaten van modelmatig waarderen niet minder goed zijn dan de resultaten van taxeren door professionals.

Conclusie

Met dit rapport van de Ombudsman is in ieder geval duidelijk geworden in hoeverre de gemeente technische informatie over het waarderingsmodel dient te verstrekken. De vraag wat de gemeente concreet kan leveren om aan de informatieplicht te voldoen is echter niet exact beantwoord. De Ombudsman geeft aan dat de drie onderbouwingen en de negen vergelijkbare objecten binnen het wettelijk kader passen. Ook geeft de Ombudsman aan dat de gemeente verder moet gaan dan de basis informatieplicht die uit de Wet volgt. Ondertussen is er echter door de Rechtbank Zutphen (11 juli 2012) specifiek voor OrtaX klanten een uitspraak gedaan over wat nu verstaan moet worden onder de bovenwettelijke informatieplicht. Bij de Rechtbank Zutphen diende een zaak van de gemeente Apeldoorn. In deze zaak wordt verwezen naar het rapport van de Ombudsman. In deze uitspraak geeft de Rechtbank aan dat het waardevergelijkingsrapport uit OrtaX voldoende is om te voldoen aan de verplichting tot gegevensverstrekking in dit kader.

 

Contact

Maarten-Jan Evers
Senior Consultant
+31 20 700 97 44