De risicohoudingstoets speelt een centrale rol in het beleggings- en governancekader van pensioenfondsen onder de Wet toekomst pensioenen (Wtp). In de praktijk blijkt echter dat veel fondsen bij deze toetsing structureel tegen grenzen aanlopen, met name bij de verwachtingsmaatstaf. Recente scenariosets laten zien dat de uitkomsten van de toets sterk kunnen variëren, ook wanneer het beleggingsbeleid ongewijzigd blijft.
Dit roept fundamentele vragen op. In hoeverre zeggen lagere toetsuitkomsten iets over het daadwerkelijk genomen risico? En in hoeverre worden zij veroorzaakt door veranderingen in de onderliggende scenario-aannames, zoals de ontwikkeling van reële rente en volatiliteit op lange termijn? Bovendien ontstaat een spanningsveld tussen de verwachtingsmaatstaf en de risicomaatstaf, waardoor beleidsmatige bijsturing niet eenduidig is.
Het volledige artikel gaat dieper in op deze vraagstukken. Aan de hand van analyses van verschillende scenariosets wordt inzicht gegeven in de oorzaken van de verschuivingen in de risicohoudingstoets. Het artikel sluit af met een handelingsperspectief voor bestuur en beleid, gericht op een robuuste en betekenisvolle toepassing van de risicohoudingstoets.
Contact
Sacha van Hoogdalem
Managing Director